Wed10222014

Last update09:39:36 AM GMT

Back Rubrieken Columns Alia's date

Alia's date

 

online_dating

Alia moet van haar vriendinnen weer gaan daten na 3,5 jaar weduwe zijn. Maar waar vind je een man?

Mijn vriendin Alia is al meer dan drieënhalf jaar weduwe. Ze woont alleen. Alia werkt al vijfentwintig jaar bij een grote organisatie. Ze functioneert goed en wordt daarvoor beloond met opslag en promotie. Ze heeft een druk leven met allerlei activiteiten, uitjes, hobby’s en vrienden. Haar collega’s noemen haar een 'aardige meid', hoewel zij niet iedereen even aardig vindt.

Piet bijvoorbeeld. Piet is een stille, verlegen man met grijs haar, blauwe ogen waarmee hij altijd naar de grond kijkt en onder zijn linkeroog heeft hij een bruin puistje op zijn wang. Hij heeft een normaal postuur, maar doordat hij altijd voorovergebogen zit, lijkt hij ouder dan hij is.

Alia zou graag haar werkplek delen met Wouter of Dick. Zij zijn altijd zo vrolijk, sportief, altijd in een goede stemming. En zij vinden haar ook 'top' want ze ziet er altijd mooi en netjes uit, trendy zelfs. Meneer Dharma is ook een aardige man, maar Alia vindt hem te oud om hem haar blikken te gunnen.
De leukste van al haar mannelijke collega’s is Fries. Hij is voor iedere vrouw de man van haar dromen. Altijd opgewekt, attent, opgewekt, een glimlach op het gezicht en een pak dat er altijd gloednieuw uitziet; een schoolvoorbeeld van een veelbelovende, sociale en communicatieve medewerker.

Er werken ook vrouwen op de kamer. Met twee van hen is Alia vriendinnen geworden: ze  borrelen, babbelen, chillen en relaxen. Zij vinden het zielig dat Alia alleen is. 'Je moet een soulmate hebben, het is niet goed voor een vrouw om alleen te zijn', zegt Anja als ze op een terrasje zitten.
'Ze moet gewoon een man hebben, basta!', roept Karin uit, Alia’s andere vriendin.
'Maar waar vind je een man? Ze zijn tegenwoordig allemaal homo of pedofiel. Of debiel. Of getrouwd,' zegt Anja weer terwijl ze een sigaret opsteekt.

'Zo erg is het nou ook weer niet,' protesteert Karin. 'Er zijn nog best mannen hoor, je moet ze alleen weten te vinden. En daar gaan wij voor zorgen.'

'Hoe dan?' vragen haar twee vriendinnen. Ze zeggen het zo luid dat bijna iedereen op het terras zich omdraait. Karin buigt haar hoofd naar de andere twee, kijkt ze geheimzinnig aan en zegt, zachter dan normaal: 'Hoe? Via een datingsite.'

'Wat?' De hoofden draaien zich weer om. 'Een datingsite?'
'Ja!' Karin begint uitgebreid de voordelen van online dating uit de doeken te doen. 'Je hoeft alleen maar een profieltekstje te schrijven en je foto erop zetten.'
'Úúh! Mijn foto? Never!' protesteert Alia nog. 'Ik ben toch geen muts die iedereen past? Ik heb niemands goedkeuring nodig!'

Maar uiteindelijk gaat ze overstag. In no time betaald, een tekstje geplaatst ? maar geen foto: voor geen goud. En in no time... 281 berichten. Mannen, wit, zwart, rijp, groen kijken haar vanuit haar Inbox aan. Bijna gek wordt ze ervan. Ze vraagt zich af of er echt zoveel singles zijn. En als dat zo is, waar zijn ze dan?
Uiteindelijk valt, bedeesd als ze is, haar voorkeur op een naam zonder foto. Zo voelt ze zich veilig, zonder foto. Het is een geheim en dat moet het blijven.

Ze schrijven elkaar bijna een hele week. Dat er in de eenentwintigste eeuw nog zo’n grootmoedige, beleefde, poëtische man bestond, dat had Alia niet verwacht. Ze is zo gelukkig dat haar eerste keuze al de juiste is, maar als Karin vraagt: 'En, heb je er iemand kunnen uitvissen?' zegt ze niets over Frans, haar uitverkorene. Frans, Frans ? het is zo’n mooie naam, waarom wist ze dat niet eerder?

Frans schrijft haar gedichten, wordt door haar geïnspireerd en prijst haar de hemel in. En uiteindelijk komt er dan het voorstel. Het afspraakje wordt gemaakt: het Gaat Gebeuren. Grootmoedig als hij is, laat Frans haar plaats en tijd bepalen. En Alia besluit: een lief plekje naast de Erasmusbrug, in de stad waar ze woont.

De hele week is Alia bezig met haar toilet. Ze koopt dure, mooie kleding, parfum en make-up. De Grote Dag is pas dagen later, maar Alia telt de minuten. Ze wil die dag vrij, maar haar chef vraagt haar te blijven want Piet heeft zich ziek gemeld. Alia mag Piet toch al niet zo, maar nu is ze ook nog boos op hem. Uiteindelijk kan ze toch wat eerder naar huis. Anja neemt voor haar waar.

Alia is doodzenuwachtig, net een jong meisje. Daar is de Erasmusbrug; daar is het café waar haar lieve Frans en misschien wel haar toekomstige partner op haar wacht. Zeven uur, voor de ingang. Alia kijkt voor het laatst in haar kleine spiegeltje. Ze is een paar minuten te laat, zoals het hoort.

Maar wie staat daar, voor de ingang? Ze is beschaamd en gekwetst! Het is niet Frans, maar haar collega Piet. Hij is lang en mooi en elegant gekleed en in zijn hand heeft hij een bos bloemen. Maar hij kijkt verrast en vertwijfeld. Als twee stenen beelden kijken ze elkaar aan.

Ik weet niet precies wat er daarna is gebeurd, maar ik denk dat er veel is gehuild en veel is gezegd. Want er is veel veranderd, sindsdien. Een werkplek delen ze niet meer, maar wel een prachtig huisje.

Lena’s World is een tweeweeklijkse column die Lena Sangin voor ex Ponto Magazine  en Wereldjournalisten.nl schrijft.

Alia's date

contact

Reacties en inzendingen
ex Ponto is een uitgave van On File, Associatie van vluchtelingjournalisten en schrijvers
ex Ponto is mede mogelijk gemaakt door:
Logo_Ministerie_OCW Logo_Democratie_en_Media Logo_StimuleringsFonds_voordePers
 

Colofon

ex Ponto

is een journalistiek magazine dat op internet verschijnt. Het merendeel van de artikelen wordt door vluchteling-journalisten en andere migranten geschreven. Met Nederlandse journalisten als gast.

 


ovidiusex Ponto

In 8 na Chr. verbant de Romeinse keizer Augustus de dichter Ovidius naar het verre Tomi (het huidige Constança in Roemenië) aan de Zwarte Zee, in de provincie Pontus. Ovidius schrijft daar zijn bekende Epistulae ex Ponto (Brieven uit de Zwarte Zee). Deze bundel bevat poëtische verzoekschriften die hij naar vrienden en invloedrijke Romeinen schreef om voor hem bij de keizer te bemiddelen om in zijn lotsbestemming te herzien. Ex Ponto is in de geschiedenis door verschillende schrijvers gebruikt als metafoor voor ballingschap.