Sun05262013

Last update09:39:36 AM GMT

Layout

Cpanel
Back Rubrieken Features Drie weken als gast in Bakoe

Drie weken als gast in Bakoe

Tarikhi_Sjakhsiyatlar
Ambassadeur_en_Amerikaanse_journalist_Thomas_Golf
Concert
Esabel
Jonge_schrijvers
dochetrs_van_de_ambassadeur_Leah_en_Hanah
  • Vorige
  • 1 of 6
  • Volgende

Velen zullen het met me eens zijn: het is een vreemd gevoel als je al tien jaar in Nederland woont en een plotseling bezoek brengt aan je geboorteland. Al vanaf de eerste minuut raak je in de war: door je eigen oordelen over wat je tegenkomt en waar je tijdens je tocht terechtkomt. Het is moeilijk te bepalen door welk prisma je naar de dingen kijkt: dat van een autochtoon of van een buitenlander – hoe je dingen waardeert: als Nederlander of als Azerbeidjaanse. En soms besef je niet dat dat je hier, in Azerbeidjaan, net zo trots wilt zijn op Nederland als in Nederland op Azerbeidjaan.

 

Pet met “Amsterdam” erop – boulevard van Bakoe:

- Dag jongeman, mag ik je iets vragen?

- Waarover?

- Nou, om te beginnen, hoe heet je en hoe oud ben je?

- Waarom? - Waarom wat?

- Waarom moet ik dat u vertellen?

- Is dat een probleem voor je, om antwoord te geven op zulke eenvoudige vragen?

- Nee, waarom?

- Wat waarom?

- Waarom zou het voor mij een probleem zijn?

- Waarom zeg je dan niet hoe je heet? Je heet toch Anar en je bent 11 jaar? Is het niet?

- Nee. Ik heet Nurlan en ik ben tienenhalf jaar.

- Zo, geen puntje voor mij dus. Maar je hebt een pet op waar “Amsterdam” op staat. Weet je iets over Nederland?

- Wat?

- Nederland. “Hollandija”.

 - Daar is Ajax Toch! Dat weet toch iedereen!


Nou, dat jongens uit Azerbeidzjan iets over Nederland weten, daarover valt niet meer te twisten. Hij neemt een flinke hap van zijn ijsje – een “plombière” – en bekijkt ons achterdochtig. Inderdaad, Ajax, Philips, Hollandse tulpen, Hollandse kaas, Van Gogh, Rembrandt en Erasmus

– dat weet iedereen in Azerbeidjzan.

De jongen rent naar de waterballonnen. Amusement voor kinderen. Ze worden in een grote luchtballon gestopt, de ballon wordt opgeblazen en in het water gegooid. Het is echt grappig om te zien, hoe jongens en meisjes in de ballon rondspringen om tegelijkertijd overeind te blijven staan en hun ballon een bepaalde kant op te laten gaan. Als vlinders in cocons.


Ongevraagde gedachten op de boulevard

We zijn op de eindeloos lange, beroemde boulevard van Bakoe, een van de mooiste plekken in Azerbeidjaan. Deze nationale plaats om te verpozen, ligt in het centrum van de hoofdstad langs de Kaspische zee. Om ons heen wandelen feestelijk uitziende mensen. Er zijn fonteinen, kinderattracties, cafés en heel veel mooie kleren. En mensen. Hier vergeet je de rest van de wereld: oorlog, misdaad, droogte, overstromingen en terrorisme zijn opeens ver weg. Zeker hier, in dit land, waarvan 20 procent bezet wordt door een buurland, lijkt dat ongepast, onlogisch, onverklaarbaar zelfs – althans, in de ogen van een Azerbeidjaanse Nederlander – precies diegene die in het verre West-Europa haar uiterste best doet om het lijden van Karabach onder de aandacht te brengen.  
In Bakoe wordt uit alle macht gebouwd en opgeknapt, en ook zijn er veel plannen voor nieuwe bouwprojecten. Restaurants en hotels schieten in Azerbeidjaan als paddenstoelen uit de grond, en de grijze zandsteen van de oude, eeuwenoude gebouwen wordt afgekrabd tot een lichte kleur, die raar staat in Bakoe. De uiterlijke schittering verblindt je ogen, en het lijkt alsof alleen de schaduwen van de gebouwen nog hun oorspronkelijke aangezicht hebben bewaard. Er is geen duimbreed grond meer zonder nieuwbouw, bijna geen lucht meer om adem te halen. 
Onbewust denk ik aan het gemoedelijke Rijswijk waar men maanden, soms jaren moet wachten op een vergunning voor een dakkapelletje op een oud gebouw: je kunt geen steen aanraken zonder de toestemming van de gemeente. Ruimte en milieu zijn heilig in Nederland. Maar niet hier in Bakoe: zelfs in de Oude Stad, die onder bescherming staat van Unesco, zie je moderne gebouwen. En dure auto’s, dure kleren, dure terrassen. Overal plekken om te feesten, harde muziek, drank, gelach, dansende mannen en vrouwen. Het voelt alsof morgen de wereld zal vergaan en men nog een keer wil genieten.
Hoe dan ook, Bakoe blijft mooi. Anders, maar mooi, met zijn imposante, soms schreeuwerige gebouwen, het lawaai, het krankzinnige tempo, de veelkleurige bewoners en natuurlijk de Oude Stad. Ondanks een gevoel van verlorenheid, alsof je verdwaald bent. Je voelt dat je behoefte hebt aan een gids, die je gedachten ordent en je objectief en nuchter naar de stad laat kijken.


De Nederlandse ambassade in Bakoe

“Azerbeidjaan is een fascinerend land om te leven en te werken als diplomaat. Dit land heeft een geschiedenis die ver teruggaat en het gebied kent een grote rijkdom en variëteit aan natuur en cultuur,” zegt Arjen Uijterlinde, de Nederlandse ambassadeur in Bakoe. Toen we nog in Nederland waren, had hij ons uitgenodigd op zijn ambtswoning in de Oude Stad. Dat was naar aanleiding van mijn vertaling van Annie M.G. Schmidt naar Azerbeidjaans. Eenmaal in Bakoe deed de gelegenheid zich voor. We werden uitgenodigd naar de uitreiking van een prijs aan jonge Azerbeidjaanse schrijvers die mee hadden gedaan aan een wedstrijd ‘Creative Writing’.
De hartelijke en gastvrije ontvangst door de ambassadeur en de gezellige inrichting – de woning  heeft drie verdiepingen met een gecombineerd Azerbeidjaanse en Nederlandse inrichting – zorgen voor leuke en gezellige sfeer. De uitreiking vindt plaats op het dak, op een terras met uitzicht op de stad, in aanwezigheid van twee knappe dochters van de ambassadeur, Leah en Hannah. Leah is vandaag extra blij, omdat ze geslaagd was voor haar VWO-eindexamen. De jonge Azerbeidjaanse schrijvers gaan vrij en ongedwongen met ze om. De uitreiking is georganiseerd door Isabelle Langerak, een jonge Nederlandse vrijwilligster die al een jaar in Bakoe werkt. Ze voelt zich er op haar gemak en heeft veel vrienden gemaakt. “Het is heel leuk hier tussen deze jongens. Er zijn zo veel talentvolle jonge mensen in Bakoe,” zegt ze. 
Azerbeidjaan lijkt haar een interessante locatie, “een soort crossroad tussen Europa en Azië en het Midden Oosten en Oude Sovjet Unie.” Er is volgens haar geen betere manier om over een land te leren dan er heen gaan. Isabelle had gemerkt dat er bij de jongeren veel nadruk werd gelegd op de academische kant van het schrijven. Universiteit en een baan vinden was heel belangrijk en er was vaak weinig ruimte voor andere dingen. Daarom organiseerde ze de wedstrijd ‘Creative Writing’ in het Engels en Azerbeidjaans om hun creatieve kant te stimuleren. 
Het is interessant om naar de Azerbeidjaanse jongeren door het prisma van Isabelle te kijken. Zij beschrijft de verschillen tussen Azerbeidjaanse en Nederlandse jongeren: “Ik word bijvoorbeeld in Azerbeidjaan altijd heel oud geschat, niet alleen omdat ik zo lang ben en in de metro altijd over iedereen uit kan kijken. Maar vooral omdat Nederlandse jongeren toch veel zelfstandiger en onafhankelijker zijn dan Azerbeidjaanse jongeren die nog heel erg beschermd worden door hun ouders en blijven vaak bij hen wonen tot ze trouwen. Er is weinig ruimte fouten te maken om ervan te leren. Ook zijn de jongeren iets meer narrow-minded dan Nederlanders, maar dat is natuurlijk gewoon cultuurverschil.”


Ondersteuning

De ambassade heeft geen programmageld, vertelt me Arjen Uitijenlinde later. “Maar waar mogelijk steunen we kleine initiatieven, zoals deze wedstrijd ‘creative writin’g voor jongeren, of door het faciliteren van optredens van musici –Nederlanders of Azeri – en interculturele ontmoetingen.  Hoewel ik weinig mankracht heb en er niet zo veel tijd voor heb, probeer ik ervoor te zorgen dat het Azerbeidjaanse publiek, liefst ook jongeren, kennis kan maken met Nederland. In welke vorm dan ook, want we willen zichtbaar zijn in Azerbeidjaan,” aldus de ambassadeur. 
Onder de gasten is een Amerikaanse professor, Thomas Golf, die veel over Azerbeidjaan en de geschiedenis van het land heeft geschreven. We spreken ook met Sahbaz Khuduoglu, de uitgever van het magazine Ganun. Zijn uitgeverij zal binnenkort mijn vertaling van ‘Minoes’ van Annie M.G. Schmidt uitgeven in het Azerbeidjaans. Het is de eerste keer dat hier een uit het Nederlands vertaald boek wordt uitgegeven. Meneer Xuduoglu zegt dat de Nederlandse ambassadeur hem helpt contacten te leggen in Nederland. Hij is van plan in de toekomst nog enkele andere Nederlandse boeken in het Azerbeidjaans uit te geven. “Ik ben er heel enthousiast over dat er aan een vertaling van Annie M.G.Schmidt in het Azeri wordt gewerkt,” zegt de ambassadeur. “Na Erasmus hopelijk dus de tweede – en de eerste eigentijdse – Nederlandse klassieker.”

Beatrix op de cover

Na de uitreiking blijven we nog even voor een gesprekje met de ambassadeur. Trots geeft hij ons twee exemplaren van het kersverse Azerbeidjaanse magazine ‘Tarikhi Sjakhsiyatla’ (Historische persoonlijkheden) dat geheel aan Nederland gewijd is. Op de voorpagina zien we het portret van de Nederlandse koningin Beatrix. “De laatste Koninginnedag was een mooi moment om na ruim een jaar na de officiële opening van de ambassade de balans op te maken, en de steeds beter wordende Nederlands-Azerbeidjaanse relatie in de schijnwerpers te zetten,” vertelt de ambassadeur. "We hebben een grootschalige viering georganiseerd, waaraan Nederlandse bedrijven hadden meebetaald en waarbij uiteindelijk zo'n vierhonderd gasten aanwezig waren. We hadden duizenden tulpen ingevlogen, er waren Nederlandse hapjes en er werd naast Azerbeidjaanse rode wijn, Nederlandse witte wijn geschonken”
Na een paar weken werden we nogmaals uitgenodigd door de ambassadeur voor een concert bij hem thuis. Er waren vijfendertig genodigden van verscheidene ambassades in Bakoe, onder wie de ambassadeurs van België, Duitsland, Frankrijk, Polen en directeurs van een paar grote bedrijven en internationale en Azerbeidjaanse organisaties. De mystieke  muziekgroep ‘Savalan’ was uitgenodigd om voor de gasten op te treden. 
Het was bijzonder om te zien hoe buitenlandse diplomaten van de muziek genoten. “De Azerbeidjaanse muziektraditie heeft me getroffen,” zegt de ambassadeur. “Ik moet bekennen dat ik me tot mijn komst niet bewust was van de rijkdom van de ‘mugham’-cultuur hier. In het Westen zijn maar weinigen zich ervan bewust dat in Azerbeidjaan de eerste opera in een moslimland werd geschreven en opgevoerd. Componisten als Kara Karayev zijn van wereldniveau – en laat ik Rostropovich niet vergeten. Op het gebied van uitvoerders van moderne muziek, met name jazz, is de school van Bakoe beroemd. Dat was al zo tijdens de Sovjet-Unie. Het is goed om op deze plaats ook het Eurovisie Songfestival nog eens te noemen, dat in 2012 in Bakoe zal worden gehouden. Dit evenement zal grote invloed hebben op de ontwikkeling van het toerisme en kan de bekendheid van het land en de openheid hier een belangrijke boost geven.”


Levenslust

We waren twintig volle dagen in Bakoe. Dat is niet veel tijd voor zo’n stad. We hebben in verschillende wijken met zeer verschillende  mensen gesproken, en elke dag hoorden en zagen we wat bijzonders: een politieman wie we wilden spreken, zegde zijn afspraak af, omdat hij naar “de protestdemonstratie van de oppositie” moest. We spraken zakenmensen, boeren, studenten en docenten. De stemming verschilt, en we kunnen niet volhouden de geluiden in de verschillende lagen van de bevolking allemaal even positief en tevreden waren. Maar één ding kunnen we met zekerheid zeggen: de levenslust in dit land van het vuur is enorm. Als je eenmaal in Bakoe bent, geloof je erin: de wegen ernaartoe zijn verschillend, maar het doel is eender: de toekomst.

Drie weken als gast in Bakoe

contact

Reacties en inzendingen
ex Ponto is een uitgave van On File, Associatie van vluchtelingjournalisten en schrijvers
ex Ponto is mede mogelijk gemaakt door:
Logo_Ministerie_OCW Logo_Democratie_en_Media Logo_StimuleringsFonds_voordePers
 

Colofon

ex Ponto

is een journalistiek magazine dat op internet verschijnt. Het merendeel van de artikelen wordt door vluchteling-journalisten en andere migranten geschreven. Met Nederlandse journalisten als gast.

 


ovidiusex Ponto

In 8 na Chr. verbant de Romeinse keizer Augustus de dichter Ovidius naar het verre Tomi (het huidige Constança in Roemenië) aan de Zwarte Zee, in de provincie Pontus. Ovidius schrijft daar zijn bekende Epistulae ex Ponto (Brieven uit de Zwarte Zee). Deze bundel bevat poëtische verzoekschriften die hij naar vrienden en invloedrijke Romeinen schreef om voor hem bij de keizer te bemiddelen om in zijn lotsbestemming te herzien. Ex Ponto is in de geschiedenis door verschillende schrijvers gebruikt als metafoor voor ballingschap.